Werken in de groep

Groep 1 en 2

Jongste en oudste kleuters zitten op OBS Dijkerhoek in dezelfde groep. Bij de jongste kleuters ligt de nadruk op het wennen aan het naar school gaan. Er is veel aandacht voor gewoontevorming en regelmaat. De kinderen leren al
spelend. De leerkracht heeft in dit proces een sturende rol en zal d.m.v. Observaties de ontwikkelingen van het kind op de diverse terreinen bijhouden. Bij de oudste kleuters gaat dit proces door.
De activiteiten en leerprocessen worden echter steeds meer gericht op de specifieke vaardigheden die noodzakelijk zijn ter voorbereiding op het leren lezen, rekenen en schrijven in groep 3.
De aandacht binnen het leerproces is vooral gericht op het tijdig onderkennen van stoornissen die de ontwikkeling van het kind remmen. Kinderen die blijk geven van een sterkere ontwikkeling worden daarin verder gestimuleerd.
De dag begint in de kring. Daar vinden beurtelings taal- en rekenactiviteiten plaats, Dit d.m.v. kringgesprek, verhalen- en prentenboeken en taal- en rekenspelletjes. Daarnaast is er aandacht via muzikale vorming, en versjes.
In de loop van de dag wordt gewerkt aan tafels, in de hoeken, in de speelzaal en is er tijd om te spelen op het schoolplein.
De principes van “Basisontwikkeling” vormen de leidraad bij het onderwijs aan de jongste leerlingen. De methode “Schatkist” vormt de basis van het programma-aanbod. We volgen de leerontwikkeling in leerlijnen m.b.v. het
Digikeuzebord. In de kleutergroepen werken we aan de hand van thema’s. Basis voor die thema’s is het dagelijkse leven. Op een speelse manier leren de kinderen zo, hoe hun wereld in elkaar zit. Er is daarbij veel aandacht voor taalvorming,
omdat dit de basis is voor veel ander leren!
De school hanteert de regel dat instromende leerlingen voor 31 december van het lopende jaar doorgaan naar groep 2. Leerlingen van na 1 januari blijven in principe nog een jaar in groep 1. Indien verlenging of versnelling van
de kleuterperiode wenselijk is, dienen de leerkrachten en/of ouders dit te onderbouwen en met elkaar te overleggen. Er worden regelmatig observaties uitgevoerd om vroegtijdig eventuele problemen met leren,
ontwikkeling of gedrag te signaleren. Daarnaast zijn er een aantal toetsmomenten ingebouwd. In principe gaan alle leerlingen door naar groep 3. Bij sommige leerlingen maken we een specifieke afweging die we baseren op de
observaties, leerdoelen en citoresultaten die de afgelopen periode zijn gedaan of gehaald. Op basis daarvan maken we een afweging wat de leerling nodig heeft om goed te kunnen starten. In groep 2 is daar dan al naar toe gewerkt
vanuit het groepsplan en het DGO. Op basis van deze afwegingen kunnen we besluiten dat de beste plek voor deze leerling in groep 2 is. Ouders worden uiteraard bij deze afweging betrokken. We proberen ons onderwijs zo adaptief mogelijk in te richten. Dit kan er in het uiterste geval toe leiden, dat
leerlingen met een gedeeltelijk of geheel eigen leerweg hun onderwijskundige ontwikkeling op onze school volgen. Daarbij hanteren we de richtlijnen en procedures zoals die zijn vastgesteld binnen ons samenwerkingsverband
SWV 23-01, afdeling Noord-Twente West.

Groep 3 t/m 8

Met de start van het aanvankelijk lees-, taal- en rekenonderwijs in groep 3 en het gebruik van methoden daarbij, verandert de vorm van het lesgeven. Om de overgang van groep 2 naar groep 3 niet te groot te maken, proberen we deze veranderingen zo geleidelijk mogelijk te laten plaatsvinden.
In het lesrooster wordt globaal weergegeven hoeveel tijd we per week aan de verschillende vakken/ vakgebieden besteden. Het gaat hier om gemiddelden die enigszins per leerjaar kunnen verschillen. De nadruk valt op taal/lezen en rekenen. Daar zijn de kinderen de helft van de week mee bezig. In de groepen 3 en 4 wordt wel biologie gegeven, maar geen aardrijkskunde en geschiedenis als apart vak. Vanaf groep 5 starten we met aardrijkskunde en geschiedenisles aan de hand van een methode.